Nachtmerrie 13/03

Vrijdagmorgen half zes in de ochtend. Ik lig wakker en kan de slaap niet meer vatten. Ik zet de radio aan en luister naar het laatste half uur van het programma Nachtzuster van Max. Luisteraars bellen op met vragen, die in de nacht problemen zijn geworden. Andere luisteraars bellen met oplossingen. Het percentage vrachtwagenchauffeurs dat belt is groot. Even na zessen zet ik de radio uit. Ik sta aan een haven bij zee in een voor mij onbekend land. Ik ben er niet alleen. Even verderop staat vriend E. op de kade en kijkt naar het water. Dan, vanuit het niets, komt er een enorme vloedgolf die mijn vriend verzwelgt. Nog voor ik kan schreeuwen komt het water mijn kant op, drukt tegen mijn lichaam en perst de lucht uit mijn longen. Naar adem snakkend word ik wakker. Een bizarre nachtmerrie. Waar komt hij vandaan? Ik kijk naar de wekker, het is tegen zevenen. Ik ben toch weer in slaap gevallen. Een uur later wordt het langzamerhand duidelijk. Mijn nachtmerrie komt uit Japan. Dat wat ik heb gezien is wellicht de laatste blik van één van de duizenden geweest. Ik heb het gevoel een ramp overleefd te hebben. Maar ik heb niets overleefd. Er zijn hier geen aardbevingen met vloedgolven. En vriend E. stond ook niet op de kade, maar sliep in zijn nieuwe huis. Het is allemaal niet waar, mijn nachtmerrie. Ik wou dat het allemaal niet waar was. Gewoon niet waar.