Voorvechter en vreemdeling – Ferdinand Borger & Kees Posthumus
In de monoloog ‘Voorvechter en vreemdeling’ krijgen we het leven van Calvijn te zien in zeven fragmenten. Het verhaal start met de dood van zijn vader, die in zijn jonge leven een beslissende invloed heeft gehad. Zijn vader heeft hem de liefde voor de kerk bijgebracht, maar hem ook verplicht tot het volgen van de studie rechten, dit zeer tegen de zin van de jonge Jean. Na de dood van zijn vader breekt er een periode van vrijheid en ambitie aan. Hij breekt met de studie rechten en laat zich in Parijs nieuwsgierig meenemen door de geest van de renaissance. Aan de vrijheid komt een eind als hij vanwege zijn contacten met Nicolas Cop Frankrijk moet verlaten. Zijn ambitie staat evenwel volop overeind. We zien Calvijn de beslissing nemen tot het schrijven van de Institutie, overtuigd als hij is dat er helderheid moet komen over de nieuwe kerk, die de protestanten voor ogen staat. Het brengt hem naar Geneve, waar Farel hem overtuigd dat zijn roeping in deze stad ligt. Groot is zijn teleurstelling als hij na drie jaar gesommeerd wordt de stad te verlaten. Hij vindt een nieuwe plek in Straatsburg, waar hij zich als predikant en leraar vestigt en een vrouw vindt. Mede door zijn enthousiasme ontwikkelen er zich schaduwkanten in zijn bestaan. Zijn vriend Louis de Tillet, met wie hij Frankrijk is ontvlucht geeft te kennen met hem te breken en de katholieke kerk trouw te blijven. Calvijns verlangen naar een redelijk en doordacht geloof wordt ook bij terugkomst in Geneve niet door iedereen begrepen. We zien Calvijn worstelen met de tegenstand en hij confronteert ons met korte momenten van vertwijfeling. Na de dood van zijn vrouw horen we hem een psalm zingen en zien we achter alle gedrevenheid een emotionele man die zich afhankelijk weet van God. De wetenschap van deze afhankelijkheid doet hem in de scene die daarop volgt furieus reageren op de aanvallen van Miguel Servet, die hij ervan verdenkt uit te zijn op de vernietiging van de kerk. Calvijn laat zich van zijn onverzettelijke kant zien. Servet overleeft het niet. In de laatste scene staat Calvijn voor God, met de woorden die hij ooit heeft geschreven in een brief aan Sadoletus, de bisschop van Lyon. Het zijn woorden die uitgesproken worden als een gebed. Calvijn geeft rekenschap van zijn daden, verdedigt de keuzes die hij heeft gemaakt. maar tussen de regels door zien we momenten van onzekerheid. Zijn verlangen naar orde, naar recht en transparantie heeft tegenkrachten losgemaakt. ‘Mijn vurige ijver voor de eenheid van uw kerk stelde mijn geweten helemaal gerust’ zegt hij. ‘De turbulente gevolgen ervan, buiten mijn schuld, kunnen mij toch niet worden aangewreven? Tenslotte geeft hij zijn leven over aan God. ‘Ik ging de rechte weg’, belijdt hij, ‘ik sterf, maar val in uw handen’.
'Voorvechter en vreemdeling, Calvijn aan het woord.' is uitgegeven bij uitgeverij Boekencentrum. www.boekencentrum.nl
Voorvechter en vreemdeling

